P R O G R A M M A

 

Van Swieten Society

&

Raoul Steffani

 

Beethovens Valentijn

 

 

Ludwig van Beethoven (1770-1827)

Pianokwartet nr. 1 in Es groot,  WoO 36 (1785) 

Adagio Assai

Allegro con spirito

Thema: cantabile - Variationi I-VI - Thema: Allegretto

 

 

An die Ferne Geliebte opus 98

Liederencyclus (1816)

 

Adelaide, op. 46, voor zang en piano (1794-1795)

 

P A U Z E

 

Selectie uit Schotse Liederen Op. 108 (1818)

 

Strijkkwartet in F op. 18 nr. 1 (1798-1800)

Allegro con brio

Adagio effettuoso ed appassionato

Scherzo – allegro molto

Allegro

 

Bart van Oort, fortepiano

Heleen Hulst en Sara DeCorso, viool

Elisabeth Smalt, altviool

Diederik van Dijk, cello

 

m.m.v. Raoul Steffani, bariton 


De Van Swieten Society is een collectief van instrumentalisten met een passie voor muziek uit de klassieke en vroegromantische periode. Naast beroemde meesterwerken uit de periode tussen Bach en Schumann spelen zij graag onbekendere werken van ten onrechte vergeten meesters.  

 

Er zijn veel verhalen over Beethovens onbeantwoorde liefdes. Het was Beethovens tragiek om alleen via brieven en muziek met een aanbeden jongedame te kunnen communiceren. An die Ferne Geliebte, de eerste liederencyclus ooit en een van de mooiste uit de romantiek, vangt de essentie van dit ‘Valentijns’ programma.

 

De Nederlandse bariton Raoul Steffani heeft zich ontwikkeld tot een van de toonaangevende zangers van zijn generatie. 

Hij viel de afgelopen jaren vaak in de prijzen: in 2018 won hij de GrachtenfestivalPrijs en de Dutch Classical Talent Publieksprijs. 

Eerder won hij de Elisabeth Evertsprijs, een tweejaarlijkse prijs voor een jong, Nederlands muziektalent.

 

Het programma onder de titel ‘Beethovens Valentijn’ omvat het pianokwartet in Es, liederencycli en het strijkkwartet in F.

Beethovens Valentijn

Er zijn veel verhalen over Beethovens onbeantwoorde liefdes. Hij verkeerde vaak in adellijke kringen maar die waren onbereikbaar voor een gewoon musicus, hoe geniaal en bewonderd ook. Het was Beethovens tragiek om alleen via brieven en muziek met een aanbeden jongedame te kunnen communiceren. An die ferne Geliebte, de eerste liederencyclus ooit en een van de mooiste uit de romantiek, vangt de essentie van onze Valentijnsdag. Maar Beethovens warme hart klinkt overal in zijn liederen en kamermuziek door. Volgens Czerny is er geen enkel werk van Beethoven zonder een buitenmuzikale (en vaak romantische) inspiratie, zoals de tragedie van Romeo en Juliet in zijn eerste strijkkwartet, in F. Van dat eerste strijkkwartet bestaan twee versies die laten zien dat Beethoven het componeren van strijkkwartetten niet makkelijk vond. Zo werden in de tweede versie de klankstructuur doorzichtiger gemaakt, allerlei herhalingen geschrapt en veel passages harmonisch veranderd. Dat hij zich zijn hele verdere leven intensief heeft beziggehouden met de problemen van het componeren voor vier (kwart)stemmen wordt duidelijk uit het grote aantal muziekschetsen van de late kwartetten dat bewaard is gebleven.

 

Voordat hij strijkkwarten begon te componeren schreef Beethoven in 1785 drie pianokwartetten, zijn eerste kamermuziek voor piano en strijkers. In het pianokwartet in Es gaat de langzame inleiding direct over in een allegro con spirito in de ongebruikelijke mineur toonsoort Es-klein. Hij gebruikte als model de sonate K.V. 379 van Mozart. Het bleef overigens bij de drie pianokwartetten want na zijn verhuizing naar Wenen gaf hij het pianokwartet op ten gunste van het pianotrio.

 

In het algemeen vond Beethoven zijn latere werken beter dan zijn eerdere en hij wilde zich dan ook voortdurend overtreffen. Maar tot de werken waar hij vanaf het begin zeer tevreden over was rekende hij het lied Adelaide, dat hij opdroeg aan de dichter Friedrich Matthisson. Uit een brief aan hem blijkt dat Beethoven met veel plezier de muziek bij de tekst componeerde.

 

De bewerkingen van volksliederen zoals de Schotse liederen, voor solostem met begeleiding van piano en, ad libitum, viool en cello, behoren jammer genoeg tot Beethovens minst gewaardeerde muziek. De introducties en coda’s zijn origineel en maken vaak gebruik van bijzondere en opvallende motieven in de melodieën.