Fernando Riscado Cordas, Izhar Elias& Roeland Hendrikx

P R O G R A M M A

 

"Wind in de snaren"

Een ode aan Schubert

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)

Arr: Mauro Giuliani (1781-1729)

Ouverture tot ‘La clemenza di Tito’

gitaarduo

 

Caspar Joseph Mertz (1806-1856)

Elegie

gitaarsolo

 

 


Franz Schubert (1797-1828)

Arpeggione-Sonate

I - Allegro  Moderato

II - Adagio

III - Allegretto

duo klarinet – gitaar

 

P A U Z E

 

Ludwig van Beethoven (1770-1827)

Arr.: Ferdinando Carulli (1770-1841)

uit Pianosonate no. 12, op. 26:

Andante varié et Rondeau

gitaarduo

 

Ferdinand Rebay (1880-1953)

uit Sonate in d-mineur:

Thema und Variationen

duo klarinet - gitaar

 

Franz Schubert (1797-1828)

Arr.: Fernando Riscado Cordas

Pianosonate no.13, D. 664

I - Allegro Moderato

II - Andante

III - Allegro

gitaarduo



Toelichting

Gedurende de 18e eeuw maakte Oostenrijk grote sociale en economische veranderingen door. Door de stijgende welvaart kreeg de voorheen weinig bevoorrechte middenstandsklasse de kans een eigen, liberale cultuur te vormen. Het Weense muziekleven werkte als een magneet waardoor tal van grootheden, zoals Mozart, Salieri, Haydn en Beethoven, zich er regelmatig ophielden, of zich zelfs vestigden. Naast het openbare muziekleven ontwikkelde zich onder de hogere middenklasse eveneens het gebruik om in huiselijke kring muziek te maken. In deze rijke muzikale praktijk figureerden Franz Schubert, Ludwig van Beethoven en de gitarist/componist Mauro Giuliani. Even voorbij de eerste decennia van de 19e eeuw werkte Caspar Joseph Mertz aan zijn reputatie als gitarist en componist. Tot in de 20e eeuw zijn componisten actief die qua esthetiek teruggrijpen op de rijke muziekgeschiedenis van Wenen.

 

De Italiaanse gitarist en componist Mauro Giuliani woonde tussen 1806 en 1819 in Wenen en werd door het publiek en de muziekminnende adel op handen gedragen. Hij componeerde een groot aantal werken en om aan de vraag naar populair repertoire te voldoen arrangeerde hij fragmenten uit de meest geliefde opera’s.

Caspar Joseph Mertz leefde enkele decennia later. Muziekuitgevers waren inmiddels zo ingesteld op het bedienen van de grote groep amateurgitaristen dat zij componisten verzochten vooral makkelijke stukjes aan te leveren. De meer uitdagende werken die Mertz schreef werden zodoende niet uitgegeven. Gelukkig zijn meerdere handgeschreven partituren bewaard gebleven, zoals dat van zijn Elegie.

Franz Schubert bezat zelf enkele gitaren. Een daarvan is gebouwd door Georg Stauffer. Deze Stauffer was uitvinder van een nieuw soort instrument, de Arpeggione. Schubert schreef er een sonate voor, die uiteindelijk de enig noemenswaardige compositie voor de Arpeggione zou worden. Het instrument is binnen de muziekgeschiedenis niet meer dan een rariteit,  de sonate is door andere instrumenten geadopteerd.

De pianosonates van Beethoven worden al 200 jaar als een hoeksteen van de westerse kunstmuziek beschouwd. In Parijs was de Italiaanse gitarist Carulli, op een vergelijkbare manier als Giuliani in Wenen, bezig de harten van muziekliefhebbers te veroveren. Ook hij maakte arrangementen van bekende werken, zoals het eerste deel van Beethovens 12e pianosonate.

Ferdinand Rebay was zoon van een Weense zanger en muziekuitgever. Hij ontpopte zich naast componist ook als piano- en zangpedagoog. Zijn gave om melodie en harmonie vloeiend te laten samengaan wordt goed gedemonstreerd in dit werk voor klarinet en gitaar. De dromerige Franz Schubert stond met zijn beperkte gave zichzelf te verkopen altijd met één-nul achter ten opzichte van zijn concurrenten. Het kwam vaak op vrienden aan die voor hem bemiddelden met uitgevers. Deze pianosonate schreef hij in de zomer; de partituur gaf hij weg aan een meisje, omdat hij haar zo knap vond.

Fernando Riscado Cordas


De musici

Duo Elias/Cordas. Izhar Elias en Fernando Riscado Cordas zijn toonaangevende gitaristen binnen de Nederlandse en internationale muziekwereld en vormen al jaren een veelgevraagd duo.

 

Izhar Elias studeerde aan de conservatoria van Groningen en Den Haag, bij het Groningen Guitar Duo en bij Zoran Dukic. In 2002 sloot hij zijn masteropleiding af met een 9,5 met onderscheiding en de Nicolaï prijs. Hij volgde een opleiding aan de ‘Accademia di Studi Superiori l´Ottocento’ bij Carlo Barone in Italië (uitvoeringspraktijk 19e eeuwse muziek), studeerde barokgitaar bij William Carter en Adrián Rodriguez van der Spoel en  kreeg interpretatielessen van de violist Kees Hendrikse. Hij won prijzen bij nationale en internationale concoursen en gaf concerten in Europa, Rusland, Zuid-Oost Azië en Australië. Hij ontving als eerste gitarist de prestigieuze Nederlandse Muziekprijs.

 

Fernando Riscado Cordas studeerde aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag, waar hij in 2003 cum laude en met twee onderscheidingen zijn Mastertitel behaalde. Zijn belangrijkste leermeesters waren Robby Faverey en Zoran Dukic. Hij was actief op diverse muziekfestivals en volgde masterclasses bij o.a. David Russel, Hubert Käppel, Carlo Marchione, Sergio Assad, Roland Dyens en David Starobin. Vanaf 2001 doet Fernando Cordas onderzoek naar de geschiedenis van de gitaar in de 19e eeuw. Zijn onderzoek naar een collectie Schubertliederen die de 19e-eeuwse gitarist Caspar Joseph Mertz bewerkte voor gitaar, leidde tot samenwerking met het Gemeentemuseum Den Haag en resulteerde in een dubbel-cd in boekvorm, The Poetic Guitar. Sinds 2014 is Cordas docent aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag.

 

Roeland Hendrikx is een van de meest toonaangevende Belgische klarinettisten. Na zijn opleiding in Leuven en Antwerpen (bij Walter Boeykens) vervolmaakte hij zich tijdens masterclasses bij onder meer Thea King. Hendrikx was jarenlang klarinettist bij het Nationaal Orkest van België, maar koos in 2017 voor een loopbaan als solist, al blijft hij daarnaast een gepassioneerd pleitbezorger van kamermuziek, onder meer met zijn eigen ensemble. Hij doceert aan het Conservatorium Maastricht en de LUCA School of Arts (Lemmensinsituut) Leuven. In oktober 2018 verscheen bij EPR Classic zijn registratie van de klarinetconcerten van Mozart en Finzi en het dubbelconcerto van Max Bruch, opgenomen met het London Philharmonic Orchestra.